Lager VI Dalum – Lager en Friedhof

Een van de taken die ik mij als kersverse Niederdeutsche heb gesteld, is het doorvorsen van de geschiedenis van de regio waar ik woon. Er is hier genoeg. Voorlopig ben ik bezig met de Hunebedden, maar ook met de geschiedenis van de ‘Emslandlager’, een serie concentratiekampen uit WOII tegen de Nederlandse grens aan. Recent was ik in voormalig kamp Dalum. Hier werden veel Russen gevangen gehouden, op de begraafplaats liggen er zo’n 16.000 in een massagraf, vrijwel allemaal naamloos. Elders op deze website meer uitleg, voor een foto reportage zie HIER.

The Second Ship – Richard Phillips

In 1948 stort in New Mexico een ruimteschip neer. Het is beschadigd, waarschijnlijk door een ander ruimteschip. Het schip wordt geborgen en in het diepste geheim onderzocht. Dat valt niet mee, want niemand kan erin en het materiaal waarvan het schip gemaakt is, blijkt ondoordringbaar. Totdat iemand erin slaagt met een slimme truuk binnen te komen. Maar er gebeurt iets met hem, hij raakt onder invloed van het schip, hij wordt gemeen en schuwt geweld en moord niet. Maar dat weet niemand, hij kan het goed camoufleren. De ontdekkingen gaan door: dankzij het schip wordt koude kernfusie ontdekt en de oliemarkt stort volledig in. Wat echter niet publiek wordt, de onderzoeker houdt dat geheim, zijn methoden om het lichaam te genezen van bv kanker, verwondingen etc.

Een aantal scholieren, twee meisjes, één jongen ontdekken in de heuvels in New Mexico een tweede schip. Dat lag in een grot, de ingang van de grot werd holografisch verborgen gehouden. Ze komen makkelijk het beschadigde schip binnen en raken ook onder de invloed van dat schip. Hun geheugen wordt meer dan fotografisch, de vaardigheden en interesses die ze al hadden worden extreem verbeterd. Ook fysiek worden ze beter. Ze worden in gedachten gewaarschuwd voor het eerste schip. Via een ingenieuze methode, waarbij ze anoniem blijven, waarschuwen ze de NSA voor de bedreigende zaken die zich rondom het eerste schip afspelen. Dat onderzoek komt er, twee geheim agenten bemoeien zich ermee.
En daar ongeveer eindigt het eerste deel. Ik moet nu wel het tweede kopen!
Het lijkt een beetje op de Skoobidou serie, waarbij een stel adolescenten allerlei mysteries oplossen.

Der Letzte Mentsch

Een bijzondere film. Marcus Schwartz is van zijn familie de enige overlevende van een Vernichtungslager. Na zijn bevrijding heeft hij zich sterk afzijdig gehouden van alles wat Joods was. Maar hij wordt oud, hij wil op een joodse begraafplaats begraven worden. Zijn echte naam is Menahem Teitelbaum. Maar daarmee kom je er niet. Om als Jood erkend te worden heb je papieren nodig of getuigen die verklaren dat je jood bent. Hij heeft beiden niet. De Rabbi wil hem niet als Jood erkennen. ‘De nazi’s waren daar veel makkelijker in’, sneert hij nog, ‘die zagen het meteen’. In Hongarije gaat hij op zoek naar getuigen. Een Duitsturkse jonge vrouw, Gül, wil hem wel rijden voor 500 euro. Ze vraagt hem nog of hij niet gewoon een bloedonderzoek kan laten doem om te bewijzen dat hij Jood is! Het wordt een boeiende reis waarbij Gül van een respectloze, onnozele adolescent veranderd in een volwassen mens.  Na veel omzwervingen komt hij tenslotte in zijn geboortedorp, maar niemand kent hem. Hij sterft uiteindelijk anoniem in de Synagoge. Als Gül vertelt wat zijn naam is, wordt hij gekend, want een paar mensen weten nog precies wie hij was. Hij wordt begraven op de Joodse begraafplaats door de Rabbi die hem niet wilde erkennen.

 

Mein großvater erzählt: ein bericht – Jan Krauß

großvater_erzähltJan beschrijft de verhalen van zijn opa. Als ik dit lees, bekruipt mij een gevoel van spijt dat ik niet zo’n verslag van het leven van mijn eigen vader heb gemaakt. Ook hij heeft het begin van de oorlog meegemaakt als militair. We hebben daar slechts fragmenten meegekregen, vooral tijdens onze reizen door het oostelijk deel van Overijssel.

“Ik stond hier, en daar zaten Duitse soldaten, die schoten op mij”! Gruwel. Maar het kan altijd erger.

Het verhaal van Willi Krausz. In 1942 melde hij zich als vrijwilliger bij de Wehrmacht, de Genie. Een extreem zware training volgde. Hij zou namelijk de officiersopleiding doen en die krijg je niet gratis. Ik heb zelf ook de officiersopleiding in die Niederlandische Wehrmacht gevolgd en dat is vergeleken wat Willi moest doen kinderspel. Maar het was toen wel oorlog. In mijn tijd niet, wij moesten alleen filmpjes en foto’s bekijken van tanks van Russische makelij en als we die zagen, onmiddellijk alarm slaan. Dat bleek gelukkig niet nodig.

Willi had het een stuk zwaarder. Officier, oorlog, praktijk. Hij werd in Italië gestationeerd. Monte Cassino, bij het klooster. Willi vertelt dat het klooster werd ontzien. Hij stal toen tomaten van een boer in de regio. De Amerikanen bombardeerden het klooster, de Duitsers hadden toen al alle kunstschatten en kostbaarheden naar het Vaticaan overgebracht. Daarna barstte de strijd los. De Duitsers moesten zich terugtrekken. 70.000 doden in totaal! Na een verder officierstraining (eind 1944!) werd hij overgeplaatst naar het Oostfront. Daar werd  hij gevangen genomen, hij ontsnapte en werd na een lange vluchtroute gevangen genomen door de Amerikanen. Uiteindelijk kwam hij vrij, om 1950 nog een keer geconfronteerd te worden met zijn tomatendiefstal. Hij moest uiteindelijk helemaal niets meer van het Nazi ideaal hebben en heeft daar ruimschoots afstand van genomen. Dit soort korte boeken worden vrij veel geschreven in het Duitse taalgebied.

Niet briljant geschreven, maar belangrijk om kennis van te nemen!

Angel in the Whirlwind 2: Falcone Strike – Christopher G. Nuttall

Whirlwind2Na een ongelukkige politieke rel veroorzaakt te hebben wordt Cat Falcone met een stel oude schepen op pad gestuurd om in vijandelijk gebied onrust gaan stoken. De vijand, Theocratic State, lijkt wel heel veel op IS. Vrouwen zijn helemaal niets, alleen zoontjes fabrieken. TS militairen zijn bijzonder wreed, controle alom, corruptie overal, falen wordt bestraft met de dood, kortom, hoe ongezellig wil je het hebben? Sommige vrouwen krijgen zelfs een hersenoperatie, zodat ze niet anders kunnen dan gehoorzamen.
Het wordt admiraal Junayd van TS ook teveel en hij loopt uiteindelijk over. De kansen op een overwinning voor de CommonWealth nemen daarmee toe.
Hoewel ik het boek in één keer heb uitgelezen, viel het me uiteindelijk toch wat tegen. Deze vrouw heeft wel èrg veel geluk.

Der Vorabend Des Krieges – Paul Ham

VorabendKriegesHet gaat over 1913. Het boek begint met een globale beschrijving van de situatie in Europa. De bevolking had niet het idee dat er oorlog zou komen, maar politiek en militair was de stemming broeierig er werd over onvermijdelijke oorlog gesproken.

Engeland beleefde op alle niveaus een top jaar. De economie was echter aan het inzakken, nog niet dagelijks merkbaar, maar de economen wisten het. De verschillen tussen arm en rijk waren enorm. De regering probeerde wel iets te doen , maar het schoot niet op. Thema’s waren: stemrecht voor vrouwen (kwam er niet door), de onafhankelijkheid van Ierland en: de Tango.

Rusland deed het economisch goed. Maar alleen de rijken profiteerden ervan. Het lijfeigenschap was nog maar net afgeschaft. De Doema was een zwakke instelling, vooral bedoeld om de revolutionairen rustig te houden. Grote landhervormingen waren gepland om alle arme boeren (niet langer lijfeigene) aan land te helpen. Dat verliep tergend langzaam, veel armen trokken naar de steden op zoek naar werk. Dat was er bijna niet, huisvesting evenmin. Een plan voor sociale woningbouw kwam niet door de Doema. Er werd druk gespeculeerd op de beurs. De stemming in de hogere kringen was anti-duits. De militairen zeiden klaar te zijn voor een oorlog (maar dat was niet zo, te kort aan alles). De tango werd ook hier verboden.

In Frankrijk heerste een sterk nationalisme, sterk anti Duits. De jeugd van 1870 was nu ruim volwassen en wilde wraak voor de nederlaag en het verlies van de Elzas. Dit gevoel werd vanuit de politiek sterk gevoed.

Duitsland was economisch hard aan het groeien. Nadat het niet erin geslaagd was om een groot koloniaal rijk te stichten, richtte men zich meer op Europa. De militairen waren al 20 jaar bezig met het ontwerpen van oorlogsstrategieën, zonder medeweten van burgers. Dat moest telkens weer bijgesteld worden omdat kanonnen krachtiger werden, er meer treinen kwamen etc. Het was een tijd van grote technische en machinale ontwikkelingen.

Alle landen waren al jaren hun leger aan het versterken. Erg belangrijk daarbij was het spoor. De treinen. Want daarmee kon je heel snel miljoenen soldaten en materieel vervoeren. Er werd dus flink gebouwd aan het net. De Russen kregen van de Fransen een giga lening om een spoornet aan te leggen, zodat ook zij hun troepen snel in Duitsland zouden kunnen krijgen. Het was ook wel nodig, het Russische spoorwegennet was zeer slecht. Er zat ook een dreiging achter: als iemand een trein vol soldaten naar de grens zou sturen, dan zouden de anderen dat ook doen en was een oorlog snel begonnen. Het spoor was wat dat betreft wat raketten tegenwoordig zijn.

Er was nog veel meer moois. De artillerie kreeg steeds grotere kanonnen waarmee je ver over de oprukkende infanteristen heen kon schieten, liefst met splinters en gas. Men was er helemaal klaar voor. Door deze ontwikkeling werd in 1900 voor het eerst de term ‘front’ genoemd, in de zin van een breed front met oprukkende soldaten. Dat was anders dan een lokaal slagveld.

De oorlog werd als onvermijdelijk gezien. Het was ook een carrière spelletje voor hoge militairen. Veel politici hadden het drukker met hun eigen hobby’s. Het patriottisme werd sterk gestimuleerd. Vooral jonge mannen wilden vechten voor het vaderland. Duitsland zou uit zijn op wereld heerschappij, iets dat niet aan de orde was. Het sterkst bewapend was Frankrijk. De schrijver concludeert dat er geen pogingen gedaan zijn om de oorlog te voorkomen. Ook achteraf werd het allemaal goed gepraat als zijnde onvermijdelijk, de wil van God en dat soort kreten. De kerst van 1913 was de laatste kerst in vrede. Het jaar daarop begon de grootste slachting ooit. Doden op industriële schaal.

Nog meer sneeuw!

Een maand te laat (met kerst zou leuk geweest zijn) gaat het nu echt los, zo lang als het duurt. De temperatuur ligt voortdurend zo rond de 0 graden. De zon schijnt, een mooi gezicht. Op de akker schuin achter ons heeft zich een zwerm Wilde Zwanen neergelaten. Ze hebben de ganzen verdrongen. Ze maken een veel herrie, een heel apart geluid. Op zijn Duits zijn het ‘Singschwäne’, ze zingen. Een mooi gezicht en een apart geluid.