Der Hauptmann von Muffrika

Deze zondag was ik in Esterwegen bij het Gedächtnis lager. In het kader van de ‘Friedensdekade’ werd in Esterwegen een documentaire getoond over Willi Herold, ‘der Henker vom Emsland’. Een andere aanleiding de recent uitgekomen film ‘Der Hauptmann’, zie de trailer hieronder.

Ik zag hem op Netflix. Het verhaal is dat deze 20-jarige zich voordoet als een majoor van de Luchtmacht en in Emslandlager 2 bij Aschendorf meer dan 100 gevangenen laat neerschieten. En daar laat hij het niet bij. In de film onstaat het beeld van een jongeman die door anderen gebruikt wordt om de vuile klusjes te doen. Kan waar zijn. Maar er was meer dan dat.

20 jaar vòòr deze film is er een documentaire gemaakt: ‘Der Hauptmann von Muffrika’. Daar komt een heel ander beeld naar voren. Zie hieronder:

De film staat in 5 delen op YouTube. Maar om het in Kamp Esterwegen te bekijken is toch anders. Het was er erg vol, deze geschiedenis leeft blijkbaar wel. De maker van de film was er ook.

Dag van de Moedertaal

Op 21 februari was het Internationale Moedertaaldag. Een moment om stil te staan bij je eigen taal en of dat nu ook inderdaad een moedertaal is. Deze dag staat in het teken van de taalkundige en culturele diversiteit en de meertaligheid. Voor de UNESCO zijn talen het instrument om het culturele erfgoed levend te houden.
Mijn vader was een Fries, ik heb geen Fries geleerd en dat spijt me zeer. Ik kan echter erg goed de tongval nadoen. Mijn moeder was een Overijsselse, Overijssels heb ik ook niet geleerd, maar ik kan het redelijk goed nadoen. Ik heb mijn eerste 7 jaren in Rotterdam gewoond en red me ook nu nog redelijk met de tongval. Vanaf mijn 7e woonde ik in Groningen (Delfzijl, dat is ook niet echt Groningen) en heb daadwerkelijk iets meegekregen van het Gronings. Een echte Groninger hoort het verschil onmiddellijk, maar de inspanning wordt gewaardeerd. Ik heb er in mijn werk nog regelmatig plezier van. Over dat Gronings: dat is een uitstervende taal. Ik heb daar eerder over geblogd, zie HIER.
Het Nederlands is aan veel veranderingen onderhevig en die komen, zo is mijn indruk, vrijwel allemaal uit de Verenigde Staten. Wat daar al eerder is gesignaleerd is het eindigen van een zin in een soort vragende vorm. Vooral, of alleen, vrouwen doen dat. De intonatie aan het einde van een zin gaat omhoog, vaak in een golfje. Het is interessant om te dat te horen. Ook de ‘Gooische R’, die eigenlijk, hoe kan het ook anders, Amerikaans is, werd aanvankelijk vrijwel alleen door vrouwen gebruikt. Ik kan me de schrik nog herinneren (het was op een symposium in Utrecht) dat er een man een lezing kwam houden met een vreselijke Amerikaanse ‘R’. Daarna werd dat al snel normaal.
Ook nu zijn er interessante maar hinderlijke wijzigingen.
Een jaar of tien geleden hoorde ik van een jongetje dat hij was uitgescholden voor ‘leeuw’. Hij vond het vreemd, want dat was toch geen scheldwoord? Ik vond het zelf ook een vreemd verhaal. Maar jaren later viel bij mij het kwartje. Wat is er loos? De ‘l’ aan het eind van een woord verdwijnt! Let maar eens op wat men zo zegt: “kijk, daar vliegt een meeuw”. Maar ook: ‘Brood maak je van meeuw”. Zo moet het ook met dat scheldwoord gegaan zijn. Alles krijgt nu een andere betekenis. Welke ‘leeuw’ zal Holland houden bijvoorbeeld? Een uitzondering is het woord ‘school’. Ook daar verdwijnt de ‘l’ maar het wordt hier ‘schoo’, waarbij de lippen in een rondje getuit worden. Een en ander hoor je ook nu vooral bij vrouwen. Die beginnen meestal 5 a 10 jaren eerder met dit soort taal wendingen.

Als we het nationaler trekken, het Nederlands, daar blijft ook niets van over, het verwordt tot een soort ‘Pidgin Engels’, maar niet als tweede, maar als eerste taal. Recent kreeg ik een ‘reminder’ voor een ‘kick-off meeting’ in Utrecht. Een eerder symposium, met hetzelfde type uitnodiging, opende met ‘storytelling’. Eén van de sprekers zei op een gegeven ogenblik (in één zin, echt waar): “mind you, er zijn pitfalls’ daar moet je mee dealen”. Overigens wordt ‘Deal’ niet meer als zodanig uitgesproken, het wordt ‘dieuw’. Leuk is ook dat je tegenwoordig ‘in the lead’ moet zijn, en een ‘stakeholder’ (hoewel ik ook al steakholder ben tegengekomen). Een interessante is ook ‘sale’. Hadden we vroeger uitverkoop, dat is er niet meer, het werd ‘sale’. Alleen, hoe verwerk je dat in een reclame? Het heeft echt enige tijd geduurd voor iemand durfde te zeggen “Het is sale bij … “. Kinderen hebben we ook al niet meer, het zijn ‘Kids’.
In ‘Quora’ de Duitse versie kwam ik recent de vraag tegen: “Is het een goede zaak om in het land waar je met vakantie bent of woont, de nationale taal te spreken?” Het antwoord: “Ja, dat is altijd goed, behalve in Nederland en Denemarken. Als je daar geen vlot Nederlands of Deens spreekt, dan verwachten ze dat je overgaat in het Engels. Dat heeft ook mogelijk te maken met het feit dat de vele engelstalige televisieprogramma’s, worden ondertiteld, niet nagesynchroniseerd.”
Over de moedertaal nog een laatste opmerking. Het valt mij op dat Nederlanders uiteindelijk van alle buitenlanders verwachten dat ze Nederlands leren, behalve als ze goed Engels spreken. Ik ken een aantal immigranten die al 10 jaar hier wonen en niet uitgedaagd worden om Nederlands te spreken, omdat iedereen wel Engels kent. In Duitsland, waar veel Nederlanders wonen, is het interessant te zien dat veel nederlanders daar geen Duits leren, ze doen toch alles in Nederland? De maximale integratie is dan niet op zondag grasmaaien. Maar Duits leren? Ho maar.

Ik kan zo nog een A4’tje vullen, dat zal ik niet doen. Denk er eens over na.
Prettig ‘weekend‘.

Foto-Management

Die Fotografie ist zu meinem Hobby geworden. Anfangs habe ich  viele Bilder nach dem Zufallsprinzip gemacht, aber in den letzten Jahren mehr und mehr themenorientiert. Schließlich aber bekommt man eine so große Sammlung von Fotos und muss man sie verwalten können. Wenn ich ein Bild von einem bestimmten Großsteingrab haben will, dann nenne ich es, dann muss ich Stapel von Fotos pflügen. Picasa von Google (sehr nützlich) wird nicht mehr unterstützt und man muss sich etwas anderes suchen. Auswahl genug, besonders wenn Sie Linux verwenden. Zwei sehr große und sehr fortgeschrittene Programme sind XNview und Digikam. Beide sind völlig Freeware und haben viele möglichkeiten. Ich würde fast sagen: zu viel. In beiden Fällen ist der Betrieb des Programms eine Katastrophe, insbesondere XNview. Und das ist bedauerlich, weil die einzelnen Module mit diesem Programm besonders gut sind. Einer von ihnen ist XNconvert. Das macht ungefähr dasselbe wie Irfanview, aber besser. Stapelbearbeitung und Konvertierung in jedem beliebigen Format.

Als Linux-Benutzer habe ich mich schließlich für gThumb entschieden, ein einfaches Programm für die einfachste Bearbeitung und das Hinzufügen von Tags. Wenn ich etwas bearbeiten möchte, verwende ich XNview, die Tags usw. werden darin erkannt. Ideal. gThump ist nicht für Windows verfügbar, in diesem Fall würde ich komplett auf XNview oder Digikam umsteigen.

Discussie avond ‘Heilige Geest’

Deze donderdag avond spraken we met een paar mensen over de Heilige Geest. Wat doet de HG in mijn leven. Een lastige vraag, ik maak dat onderscheid in de Drie-eenheid eigenlijk nooit, ik ben een echte monotheïst. De triniteit is een lastig iets, naar mijn idee het best weer te geven als de drie werkzame krachten van God. Hij heeft er oneindig veel, maar deze worden benoemd door de Kerk. De Joden hebben daarom in principe geen probleem met de Triniteit (Lapide-Is dat niet de zoon van Jozef?).
Maar als je het toespitst, dan is de HG, in het Aramees en Hebreeuws de ‘Ruach’. De kracht die aanzet tot beweging, bekering, vindingrijkheid, motivatie en vooral: etcetera.
Al discussierend kwamen we terecht bij de Rooms Katholieke Kerk. Vòòr het het Tweede Vaticaans Concilie was de RK kerk inderdaad een verstard iets. We spraken over de biecht, hoe mensen vroeger moesten biechten en op den duur maar zonden gingen verzinnen. Ik heb dat nooit herkend in mijn eigen katholieke jaren, die ik als rijk en mooi heb ervaren. Jammer dat ik toen te veel werk naar me toe heb laten komen ….
Maar goed, ik heb in mijn initiatietijd wel gebiecht en dat is een indrukwekkende ervaring, helemaal als je recht voor de priester zit, zonder luikje. Zo zie je maar weer dat we allemaal zo onze stereotiepe ideeën hebben over andersgelovigen. Het ‘Ware Kerk’ idee blijkt niet alleen iets voor Vrijgemaakten te zijn. Een beetje humor en begrip kan geen kwaad. Zo had ik vandaag met een collega die Moslim is, een gesprek hoe je verschillende soorten moslims kunt onderscheiden aan de vorm van hun baard.

Emslandlager IX: Versen

Dit kamp was makkelijk te vinden, want toen de oorlog voorbij was, is het gewoon in gebruik gebleven. Op de plaats van het kamp staat nu een ‘Justizvollzugsanstalt’, vrij vertaald een gevangenis. Voor de ingang staat een bord met de geschiedenis van erop. Je krijgt het gevoel dat het personeel daarbinnen daar niet om staat te springen, het bord is groen uitgeslagen. Origineel is ook nog het elektriciteitshuis. Die huisjes zaten blijkbaar goed in elkaar, want op een paar plaatsen staan soortgelijke ‘Strom anlagen’ van andere Lager er nog steeds, in tenminste twee gevallen vastgebouwd aan een woonhuis.

De begraafplaats ligt een paar honderd meter verderop. Niet iedereen die hier begraven is geweest was anoniem. Er staan een aantal stenen met daarin gebeiteld de namen van mensen die in het kamp gestorven zijn. Die kwamen overal vandaan, ook uit Duitsland overigens.

Führerschein

We hebben hier in Duitsland allerlei mijlpalen gehad. De koop van het huis (!), alle geregel er omheen: verzekering, TüV auto, nieuw paspoort aanvragen en vooral: etc.

Onderschat het niet, er zijn mensen die denken dat je even de grens overwipt en daar gaat wonen en alles blijft bij het (Nederlandse) oude. Dat is niet het geval. De laatste (?) hindernis die nog door mij genomen moest worden, was het rijbewijs. Het begon al wat te kriebelen, nog maar 6 maanden dan loopt mijn rijbewijs af! Op een blog las ik iets over hoe dat ging: volle wachtruimtes, nummertjes trekken, uren wachten, geschoffeerd worden. Het ging hierbij om Meppen. Duitse ambtenaren zouden horken zijn. Dat is goed mogelijk, voor de telefoon komen ze vaak niet verder dan drie woord zinnen en gooien dan de hoorn er weer op (echt waar!).

Maar het rijbewijs: googelen leverde bitter weinig op. Ineens zag ik iets over ‘Ausländer’. Daar val ik toch ook onder? Die moesten binnen een half jaar hun rijbewijs opnieuw aanvragen, hun eigen rijbewijs zou niet meer geldig zijn. In de overtuiging een EU rijbewijs te hebben reed ik al 3,5 jaren met mijn oude NL rijbewijs. Bij incidentele grenscontroles werd er niets van gezegd, ik heb er Probefahrten mee gemaakt en zelfs een auto gekocht. Ik heb toch niet 3 jaren met een ongeldig rijbewijs gereden? Nee! Als je een EU rijbewijs hebt kun je dat blijven gebruiken tot de eind datum!

Het viel allemaal erg mee. We vonden uiteindelijk de plek waar we moesten zijn: Kreis Meppen, Ordeniedrung 1, 49716 Meppen. Een passerende beambte leidde ons naar de juiste gang, een klant wees ons een kantoortje waar een aanvankelijk zeer afstandelijke dame ons te woord stond. Ik overhandigde de benodigde zaken: paspoort, rijbewijs, meldebescheinigung, pasfoto. Omdat het een EU rijbewijs was, was een en ander snel geregeld. Betalen (EU 35,–) en weer weg. Dat afrekenen gaat aan een kassa automaat in de gang. Je krijgt een wit Emsland pasje, dat moet je meenemen, in de gleuf steken en dan kun je met je bankpas of contant afrekenen. De beambte ontdooide vrij snel en bleek zelfs sympathiek.

Vandaag kon ik het rijbewijs halen, ik kreeg een schriftelijke mededeling. Het was ook mogelijk om het te laten opsturen. We zijn er weer geweest, naar binnen, rijbewijs ‘umtauschen’ en weer weg. Ik ben nu echt Duitser!

Varusschlacht – Bramsche Kalkriese

We bezochten vandaag het museum rondom de zogenaamde  ‘Varusschlacht’ in  het jaar 9 CE. Romeinse legioenen werden door de Germanen in een val gelokt en massaal afgeslacht. Een slachtpartij van die grootte moet zijn sporen wel nalaten en dat is ook zo. Er zijn veel restanten gevonden.

Wij waren geheel alleen in het museum en konden dus rustig alles bekijken. Het feitelijke museum is ondergebracht in de ‘Turm’, opgetrokken uit roestig ijzer. Dat was op een zeker moment modern, alles lekker laten wegroesten. Wat daar getoond wordt, is bijna niets. We begonnen met twee uitgesproken matig tot slechte filmpjes. De tweede film ging over ‘Hoe zou de wereld eruit zien als de Germanen verloren hadden’? Zinloze vraag. Verder werd uitgebeeld met poppetjes hoe groot een legioen is. Er waren een paar schedels en botjes, een paar munten, dat soort zaken. Buiten werden er bomen gesnoeid, we waren dus iets beperkt in onze bewegingsvrijheid. Maar veel was het niet. Het geheel is vooral ingesteld op scholieren, die vanuit het hele land en soms van daarbuiten komen. Als geïnteresseerde particulier kan ik het niet aanraden. Heel ver rijden voor vrij weinig.