The Chosen – Chaim Potok

Sinds 1988 staat dit boek in mijn boekenkast. Nooit gelezen, tot nu. Het verhaal begint ergens in de oorlogsjaren. Een groep liberale joodse jongens speelt een baseball wedstrijd tegen groep Chassidische jongens. David Saunders slaat een bal keihard tegen het rechteroog van Reuven Het komt wat dat aangaat allemaal goed. Het wordt de aanleiding voor een diepe vriendschap tussen beide jongens. Reuven wordt geïntroduceerd in het Chassidische leven. Aan de orde komen de gebruiken, maar ook de geschiedenis van de Chassieden. Beide jongens zijn zeer intelligent, maar David is een fenomeen. Zijn vader spreekt niet met hem, alleen tijdens Thora studie. Tussendoor speelt de eindfase van de oorlog, de ontdekking van massamoord op de joden en de oprichting van de Joodse staat.
Dit mag wat saai klinken, maar dat is het absoluut niet! Het is een boeiend verhaal dat een beeld geeft van het Jodendom in New York in de 40er jaren.
Het boek bleek verfilmd, ZIE HIER (Vimeo), ik heb de film meteen gezien. Aardige film, heeft zelfs prijzen gewonnen, maar wat is een film meestal een slap aftreksel van een boek. In dit geval zèker.

Why there is no God – Armin Navabi

Simple responses to 20 common arguments for the existence of god, zo luidt de ondertitel. De schrijver, Armin Navabi, is een ex-moslim uit Iran. Ik vroeg mij onmiddellijk af: komt dat in Iran meer voor, dat Moslims van hun geloof afwijken? Ik dacht daarbij aan Ehsan Jami (‘Het recht om ex-moslim te zijn‘). De schrijver is altijd erg bezig geweest met zijn religie. Hoewel zijn ouders niet echt fanatieke moslims waren, nam hij intensief deel aan de Koran klassen. Eén van de dingen die hij hoorde was dat als je als jongen vòòr je 15e komt te sterven, dat je dan gegarandeerd in de hemel komt. Voor meisjes is dat tot hun 9e jaar, een boeiend verschil. De schrijver nam de meest logische stap en sprong op zijn 14e van een flat. Zoals je al begrijpt, hij stierf niet maar moest zeker een jaar revalideren. Hij verdiepte zich in alle monotheïstische religies en vond overal dezelfde inconsistenties en tegenspraken. Hij werd atheïst en werd daar heel blij van. Hij richtte de ‘Atheïst Republic’ op. Een platform voor atheïsten en twijfelende deïsten. Kijk er eens, zou ik zeggen.

Hij behandeld argumenten als “God’s existence is proven by scripture.” Daar blijft weinig van heel. Ik heb dat zelf ook al eens gelezen in het boek van ds Venema ‘Wat is een Christen nodig te geloven?’ Hij schrijft daar: ‘Wij geloven dat de Bijbel Gods woord is, omdat de Bijbel dat zelf zegt’. Een logische ramp redenering. VW heeft betere auto’s want ze zeggen het zelf, dat is hetzelfde type. Ik, Dexterius, ben een profeet, want ik zeg het zelf. De Bijbel is een bibliotheek, een verzameling van boeken en brieven die ver na hun publicatie aan de Bijbel-bibliotheek zijn toegevoegd. Hoe kunnen deze dan van ‘de Bijbel’ zeggen dat deze waar is? En hoe komt het dat deze en niet andere boeken zijn toegevoegd?

Ik dwaal af. Ik kan het boek, dat overigens iets van 1,60 euro kost, van harte aanraden!

Bewaren

Niet in de Hemel – W. Whitlau

Verkenningen in de wereld van de joodse traditie. Dit boek staat al 20 jaar ofzo in mijn boekenkast, ik kom er nu pas aan toe. Het boek begint met een overweldigende hoeveelheid argumenten dat het Westen pas goed tot bloei kon komen door Hebreeuwse concepten. Bijvoorbeeld: de zon is nooit als god gezien, maar door Egyptenaren, Grieken en Romeinen wel. Dat verandert de manier van denken er over. Bij het spreken over wonderen is belangrijk wat het effect er van was en wat de beleving en de betekenis voor een individu is. Een fraai voorbeeld vanuit de statistiek wordt gegeven. De belangrijke vraag is: welke consequenties trekt men uit de gebeurtenissen? Hoe zijn ze geduid?
Onderzoek naar ‘hoe is het nu echt gebeurd’ zijn volgens de schrijver zinloos. Waar het om gaat is: het is allemaal een kwestie van ervaring. Het geloof is ervaren geloof. En wat is de boodschap. Geeft het antwoord op ‘Wat moet ik doen?’ Want daar gaat het om. Wat is mijn taak, mijn richtlijn in deze wereld. Vergelijk het wat met de ‘Bhagvad Gita’s van de Hindu’s. Een basale richtlijn voor het leven.
Na een derde van het boek gelezen te hebben, ben ik gestopt. Het gaat teveel in op allerlei joods liturgische zaken. Voor mijn studie op dit moment niet zo relevant, wie weet later. Dan pak ik de draad weer op.

A Hidden Revolution – Rivkin

hiddenrevolutionEen studie over de Farizeeën. Hun Hebreeuwse naam was ‘Perushim’, op zijn Grieks ‘Pharisaoi’ een vertaling uit het Hebreeuws in de meervoudsvorm, vandaar de ‘oi’.
De schrijver probeert de Farizeeën vanuit drie bronnen te definiëren, namelijk Josephus, het Nieuwe Testament en de zgn. Tannaïtische literatuur, dat zijn de Mishna, Tosefta (een compilatie van de Joodse mondelinge wet uit de periode van de Mishna) en de Beraitoth.
Allereerst de geschriften van Flavius Josephus. Hieruit leidt de schrijver af dat de Farizeeën erg machtig waren en brede steun hadden van het volk. Ze hielden zich aan de geschreven wetten uit de Thora, maar ook aan de Ongeschreven wetten, die geacht werden overgeleverd te zijn door de Vaders. De Sadduceeën daarentegen hielden alleen de geschreven wetten. Toen koning en hogepriester Johannes Hyrcanus zich tegen de Farizeeën keerde en zich aansloot bij de Sadduceeën, brak er een hevige burgeroorlog uit. Na lange tijd en strijd kwamen de Farizeeën weer aan de macht. Josephus noemt ook nog dat de Farizeeën naar verhouding mild waren en geen doodstraf zouden uitspreken bij bv belediging van de koning. Lees verder

De Laatste der Rechtvaardigen – André Schwarz-Bart

LaatsteRechtvaardigeOnlangs las ik het boek van Lapide: “Is dat niet de zoon van Jozef”? Daarin werd oa het boek ‘De Laatste der Rechtvaardigen’ genoemd. Ik heb het bij een antiquariaat gekocht. Beste lezer, wàt een boek!

Volgens een overlevering uit de tijd van de profeet Jesaja rust  de wereld op 36 Rechtvaardigen, de Lamed-Waf, die in niets te onderscheiden zijn van gewone mensen. Vaak zijn ze zelf niet bewust van het feit dat ze Rechtvaardige zijn. De Lamed-Waf zijn het verveelvoudigde hart van de mensheid. In hen worden alle smarten gegoten als in een vergaarbak. Dit verhaal gaat over een familie van Rechtvaardigen. Het geslacht Levy wordt gevolgd vanaf de Middeleeuwen. Van elke voorvader wordt het verhaal verteld. Het is natuurlijk niet vreemd dat, hoe dichter we bij de tegenwoordige tijd komen, hoe uitgebreider de familie besproken wordt. Een bijzonder tekenend verhaal:

In 1240  werd op bevel van Lodewijk de Heilige van Frankrijk een openbaar twistgesprek gevorderd van de Talmoedisten met de Kerk. Op een vraag van bisschop Grotius over de goddelijkheid van Jezus antwoordde rabbi Salomon Levy: “Als het waar is dat de Messias, waarvan onze oude profeten spreken, reeds gekomen is, hoe kunt u dan de toestand waarin deze wereld zich bevindt, verklaren?” “Edele heren, hebben de profeten niet gezegd dat er bij de komst van de Messias geen geween en gejammer meer op aarde zou zijn, eh… is het niet? Dat de leeuw en het lam samen zouden weiden, dat de blinde zou zien en de kreupele zou springen als… een hert! En ook dat alle volkeren hun zwaarden zouden omsmeden tot ploegscharen, eh… is het niet?” En eindelijk, met een droeve glimlach naar koning Lodewijk: “O sire, wat zou men er van zeggen, wat zou men er van zeggen, als u zou vergeten hoe een oorlog gevoerd wordt?” Naast allerlei andere maatregelen wordt deze Rechtvaardige op de brandstapel geplaatst.

Het boek is zò gedetailleerd, dat ik niet alles kan vertellen. Van rabbi Salomon ga ik meteen naar de Laatste: Ernie Levy. Hij is geen rabbi, een niet gewenst kind van niet gewenste ouders. Door zijn opa, die alles graag anders had gezien, wordt hij in zijn vroege jeugd ingewijd in de ‘Rechtvaardige’ voorgeschiedenis van zijn familie. Hij is (ook al wordt het nergens genoemd) absoluut schizofreen. Waan en werkelijkheid lopen bij hem dooreen. Op een zeker moment besluit hij dat hij hond moet worden, bijvoorbeeld. Zijn hele familie is dan al dood en vermoord door de Nazi’s.

Aan het eind van het verhaal ontmoet hij Golda, een meisje met een mank been. Ontstaan tijdens de vlucht voor een pogrom. Het klikt onmiddellijk tussen de twee, daar in Parijs. Ze worden opgepakt en ontmoeten elkaar weer in een concentratiekamp. Golda vraagt aan Ernie  waarom de Christenen toch zo’n hekel  aan de Joden hebben. Hij zegt: “Het is  heel mysterieus, ze weten het  zelf niet goed. Ik ben in hun kerken geweest, ik heb hun evangelie gelezen;  weet je wie Jezus was? Een doodgewone Jood, net als je vader, een soort Hassied. Ik wed zelfs dat ze het best met elkaar hadden kunnen vinden, die twee, want het was werkelijk een goede Jood, zie je, zo eentje als de Baal Chem Tov: een barmhartige, een zachtmoedige. De christenen zeggen dat ze hem liefhebben,maar ik geloof dat ze hem haten zonder dat ze het zelf weten; daarom nemen ze het kruis bij het andere eind vast en maken er een zwaard van en daar slaan ze ons mee!”…  “Die arme Jeshua, als hij eens op aarde terugkeerde en zag dat de heidenen een zwaard van hem gemaakt hebben tegen zijn broeders en zusters, o, hij zou bedroefd zijn, bedroefd zonder einde……”

“Begrijp je, hij was maar een gewoon Joodje, net als wij, een echte kleine Rechtvaardige, niet meer en niet minder dan al onze Rechtvaardigen…”.

Ernie is geen gelovige Jood, maar wel een Jood en ook een Rechtvaardige, hij is zich daar zeer van bewust aan het eind. Als hij in de treinwagons zit met alle angstige en stervende kinderen. Hij vertelt ze van alle over het Koninkrijk van de Joden, Israël. In de wagon zit een oude vrouw, een arts. Zij vraagt hem, met enige haat, “Hoe kunt u zeggen dat dit alles een droom is?” “Mevrouw, hier is geen plaats voor de Waarheid”. “Gelooft u dus helemaal niet aan wat u zegt?”

Ernie en de kinderen, zijn geliefde sterven in de gaskamers.

Ik kan me geen boek herinneren dat me zò diep geraakt heeft als dit boek. Een absolute aanrader, maar wel op eigen risico. Heel bijzonder.

Meer informatie over de schrijver: zie HIER

 

Is dat niet de zoon van Jozef? – Pinchas Lapide

ZoonVanJozefHet boek is uit het Duits vertaald in 1985. De oorspronkelijke uitgave is van 1976. Daar zit 9 jaar tussen. En tussen de eerste uitgave en mijn lezing ervan zit 40 jaar! Lapide geeft een overzicht van alle schoolboeken in Israël waarin Jezus wordt genoemd. Dat is niet veel en vaak ook er summier. In het dagelijks spraakgebruik werd Jezus de afgelopen 2000 jaar enkel aangeduid als ‘die man’.

In het tweede deel bespreekt hij wat verschillende rabbijnen zoal over ‘die man’ hebben gezegd. Daar zit een groot verschil in, afhankelijk van de periode waarin de uitspraken zijn gedaan. In de middeleeuwen werden joden vaak vervolgd en gedwongen zich te verdedigen. Veel geschriften zijn dan ook polemisch van aard en vaak ook niet compleet omdat de kerkelijke censuur er in geschrapt heeft. Jezus werd echter nooit, aldus Lapide, verguisd. Ook al dwaalde hij eventueel nog zo veel, hij was wel een jood.

De joodse auteurs maken een verschil tussen Jezus en zijn volgelingen en de kerk zoals die vanaf Paulus is ontstaan. Jezus en zijn volgelingen waren dwalend maar in orde, de kerkvaders daarentegen dwalenden die anderen misleiden. Volgens de rabbijnen noemt Jezus zich nergens God en teksten die eventueel zo uitgelegd zouden kunnen worden zijn verkeerd vertaald en begrepen. ‘Blz 102: ‘Jezus heeft nooit een school of religie willen stichten. Hij had ook niet het minste vermoeden van de geloofsbeweging die later in zijn naam in het leven zou worden geroepen’. De Drie-eenheid wordt met enige verbijstering bekeken (waar ik me alles bij kan voorstellen). Maar op zich is dat niet zo’n punt, want (blz 790 ‘de geestelijke elite ziet de triniteit niet anders dan een soort personificatie van de goddelijk attributen leven, macht en kennis’. Die attributen beschrijven uitsluitend het ervaarbare goddelijke handelen. Deze conclusie is sinds de 10e eeuw door bijna alle gezaghebbende rabbijnen aanvaard. Diverse rabbijnen zagen het Christendom en de Islam als voorstadia op de heilshistorische weg naar de definitieve verlossing van de mensheid. Iets wat je niet zo zou zeggen als je vandaag de dag om je heen kijkt.

Het is een interessant boek met een hoog informatiegehalte geschreven vanuit welwillend joods perspectief.

Der Letzte Mentsch

Een bijzondere film. Marcus Schwartz is van zijn familie de enige overlevende van een Vernichtungslager. Na zijn bevrijding heeft hij zich sterk afzijdig gehouden van alles wat Joods was. Maar hij wordt oud, hij wil op een joodse begraafplaats begraven worden. Zijn echte naam is Menahem Teitelbaum. Maar daarmee kom je er niet. Om als Jood erkend te worden heb je papieren nodig of getuigen die verklaren dat je jood bent. Hij heeft beiden niet. De Rabbi wil hem niet als Jood erkennen. ‘De nazi’s waren daar veel makkelijker in’, sneert hij nog, ‘die zagen het meteen’. In Hongarije gaat hij op zoek naar getuigen. Een Duitsturkse jonge vrouw, Gül, wil hem wel rijden voor 500 euro. Ze vraagt hem nog of hij niet gewoon een bloedonderzoek kan laten doem om te bewijzen dat hij Jood is! Het wordt een boeiende reis waarbij Gül van een respectloze, onnozele adolescent veranderd in een volwassen mens.  Na veel omzwervingen komt hij tenslotte in zijn geboortedorp, maar niemand kent hem. Hij sterft uiteindelijk anoniem in de Synagoge. Als Gül vertelt wat zijn naam is, wordt hij gekend, want een paar mensen weten nog precies wie hij was. Hij wordt begraven op de Joodse begraafplaats door de Rabbi die hem niet wilde erkennen.